Meer zicht op effectiviteit van Europese steunprogramma's wenselijk

Besteding van Euro 440 miljard aan eurolanden in nood is beperkt te volgen

Sinds 2010 is ruim Euro 440 miljard aan leningen uitgekeerd aan eurolanden in financiële problemen. Dit is via diverse steunprogramma's georganiseerd. Ook Nederland droeg hieraan bij. Het belang van deze steunprogramma's is bijzonder groot: met de verleende steun en de daarbij gestelde voorwaarden moeten de betrokken eurolanden de weg omhoog vinden uit de economische crisis. En de leningen moeten op tijd worden terugbetaald. Goed zicht op de besteding en inzicht in de effectiviteit van de steunprogramma's zijn daarom belangrijk voor alle betrokken partijen. Het blijkt echter beperkt mogelijk de besteding van deze leningen uit de Europese noodfondsen te volgen. De effectiviteit van de steunprogramma's wordt tot op dit moment door de betrokken instanties weinig onderzocht. Onafhankelijke evaluaties van de steunprogramma's zijn tot op heden niet beschikbaar. De democratische controle en verantwoording van deze steunprogramma's kan worden versterkt.

Dit stelt de Algemene Rekenkamer in het op 10 september 2015 gepubliceerde onderzoeksrapport Noodsteun voor eurolanden tijdens de crisis - Inzet van de Europese noodfondsen tussen 2010 en 2015. In dit onderzoek worden noodfondsen als ESM en EFSF en steunmaatregelen van de Europese Centrale Bank (ECB) tijdens de crisis in samenhang met elkaar behandeld. Beide typen maatregelen kunnen direct of indirect gevolgen hebben voor de Nederlandse schatkist.
In 2010 zijn vier (tijdelijke) noodfondsen in Europa in het leven geroepen. Elk van de fondsen heeft een eigen achtergrond, financiering, structuur en governance. De Algemene Rekenkamer beveelt de minister van Financiën aan om afgesloten steunprogramma's voortaan altijd onafhankelijk te laten evalueren, iets wat de minister kan inbrengen op EU-niveau bij de Raad Economische en Financiële Zaken (Ecofinraad). Overigens heeft de minister van Financiën de Tweede Kamer goed geïnformeerd over de totstandkoming van de steunoperaties en het Nederlands aandeel daarin.
De onafhankelijke externe controle op het tijdelijke noodfonds voor eurolanden EFSF is nu nog niet geregeld, maar kan volgens de Algemene Rekenkamer ondergebracht worden bij het bestaande auditcomité van het permanente noodfonds ESM. Dat comité van deskundigen moet voor het uitvoeren van de taken die het heeft wel meer mensen en middelen krijgen.
Verder kan de Nederlandse minister bepleiten dat landen die noodsteun ontvangen voortaan inzichtelijk maken waar zij de leningen aan besteden. Gebeurt dit via onafhankelijke en openbare rapportages, dan krijgen ook de parlementen van donerende landen inzicht in de werking van de noodleningen. Democratische controle op en verantwoording over de besluitvorming van de eurogroep en de trojka (Europese Commissie, ECB en IMF) over de inzet van de noodfondsen kunnen worden versterkt. Met intensiever toezicht van de Europese Commissie kan bepaald worden of ontvangende landen na een steunprogramma de leningen kunnen terugbetalen. Daarbij is volgens de Algemene Rekenkamer van belang dat aan specifieke aanbevelingen voor begrotingsbeleid en macro-economische onevenwichtigheden consequenties worden verbonden.

Hoeveel noodsteun hebben Ierland, Spanje en Griekenland exact van diverse Europese noodfondsen en andere geldschieters ontvangen? Is duidelijk waar dat geld aan is besteed? Dat is niet altijd helder, zo blijkt uit drie fact sheets van de Algemene Rekenkamer. Ierland moet de noodleningen aan het IMF over zeven jaar hebben afgelost, aan de Europese noodfondsen uiterlijk over 27 jaar. Spanje heeft een klein deel vervroegd afgelost en moet de rest aflossen tussen 2022 en 2026. Griekenland, dat veruit de meeste steun kreeg, moet de steun uit de eerste twee programma's in 2022 aan het IMF afgelost hebben, de leningen uit bilaterale afspraken met landen uiterlijk in 2040, en de grootste leningen uit het tijdelijk Europees noodfonds EFSF uiterlijk in 2054. Het recente derde leningenpakket, uit het ESM, kent een aflossingstermijn die doorloopt tot 2059.

Reactie minister van Financiën en nawoord Algemene Rekenkamer
Het kabinet is voorstander van een brede beoordeling of noodsteun helpt. De minister van Financiën zal het belang van evaluaties bij de Europese Commissie onder de aandacht brengen. Recent is het Ierse leningenprogramma geëvalueerd. De overige aandachtspunten van de Algemene Rekenkamer neemt de minister niet over. In haar nawoord stelt de Algemene Rekenkamer dat afgeronde leningenprogramma's onafhankelijk geëvalueerd moeten worden; betrokken instanties zouden niet zichzelf de maat moeten nemen. De belastingbetaler uit landen van de eurozone heeft recht op transparante besluitvorming door de eurogroep, met daarbij passende onafhankelijke controle en verantwoording.

Het webdossier http://www.rekenkamer.nl/eu-governance is op 10 september 2015 geactualiseerd. Daar is informatie verzameld over de bestrijding van de financiële en economische crisis in Europa, over organisaties en bedragen.

Persvoorlichter Joost Aerts is beschikbaar voor meer informatie (070) 342 41 89 / 06 20 24 87 03. Het rapport en het webdosier zijn te vinden op www.rekenkamer.nl. Het rapport is ook op te vragen via (070) 342 44 00. Dit rapport wordt ook in Engelse vertaling gepubliceerd.

Algemene Rekenkamer

plaats:
Den Haag
website:
http://www.rekenkamer.nl

Andere persberichten van deze organisatie

Verstuur nu éénmalig een persbericht

Verstuur persberichten en beeldmateriaal naar redacties in binnen- en buitenland. Via het ANP-net, het internationale medianetwerk van PR Newswire of met een perslijst op maat.

Direct persbericht versturen
070 - 41 41 234