Gaat Bureau Jeugdzorg nu wel aan waarheidsvinding doen bij een OTS?
Gaat Bureau Jeugdzorg nu wel aan waarheidsvinding doen bij een OTS?
woensdag 07-11-2012 19:53
Dit is een origineel bericht van Paul Heinerman

De ondertoezichtstelling bij omgangsproblemen van ouders blijkt vaak niet het gewenste effect te hebben blijkt uit het rapport van de Kinderombudsman d.d. 6 november j.l. . De sterk uit de hand gelopen escalatie tussen ouders is hier altijd debet aan als ook de grote onmacht van de diverse instanties om ouders in het belang van hun kind tijdig en snel uit de ontstane escalatie te halen.

 

"De Nationale ombudsman en de Kinderombudsman stellen vast dat kinderrechters, medewerkers van de Raad voor de Kinderbescherming en van de Bureaus Jeugdzorg de ondertoezichtstelling bij problemen over de omgang als bijzonder gecompliceerd ervaren. Een ondertoezichtstelling leidt niet als vanzelf tot voor het kind wenselijke omgang". Zo staat o.a. in de conclusies van het rapport van de Kinderombudsman te lezen.
Als aanvulling op het rapport "De ondertoezichtstelling bij omgangsproblemen" van de Kinderombudsman behoort de positie van beide ouders en met name de positie van de vader met spoed herzien te worden met betrekking tot de gewenste goede hechting van het kind aan beide ouders, aldus Paul Heinerman.

 

Hij denkt dat hij, als bezorgde vader, niet alleen voor zichzelf spreekt als hij zegt dat de echte verantwoordelijkheid voor een goede hechting van een kind aan beide ouders weer per direct bij de ouders zelf neergelegd dient te worden en niet zozeer bij de instanties. De huidige positie van veel vaders, die vaak een zeer beperkte omgangsregeling hebben, zorgt er echter voor dat zij binnen dit korte tijdsbestek vaak niet in staat zijn om voor een goede en gewenste veilige hechting van het kind aan de vader zorg te dragen. Juist deze huidige situatie zorgt voor veel frustraties, verdriet en onbegrip bij zowel de vader als ook bij het kind en vaak ook bij de moeder.

 

De Kinderombudsman adviseert de betrokken instanties o.a. tot een verbeterde samenwerking en communicatie te komen, waardoor de hulpverlening aan ouders op een hoger niveau gebracht kan worden. Ook wordt aan BJZ geadviseerd om naar de "best practice" BJZ's te kijken om zodoende van elkaars ervaringen te leren en daardoor de hulpverlening aan ouders te laten groeien in kwaliteit.

 

In de bijlage geeft deze bezorgde vader vanuit zijn eigen ervaring aan dat er nog meer aan de hand is dan dat er reeds in het rapport van de Kinderombudsman al wordt beschreven en dat er door middel van 4 aanbevelingen en het invoeren van 4 nieuwe spelregels tussen ouders mogelijk voor een structurele verbeterde affectieve hechting van het kind aan beide ouders gezorgd kan worden.

 

Kortom, er mag en moet mogelijk ook wel een bepaald gedrag van alle ouders in een dergelijke situatie verwacht worden. Elke ouder dient zich er volledig van bewust te zijn dat hij of zij in het echte belang van zijn kind ook volledig verantwoordelijk is voor de goede hechting van zijn kind aan de ANDERE ouder en hiertoe zouden ouders o.a. te allen tijde moeten proberen om hun onderlinge communicatie in stand te houden.

 

Beide ouders zijn daar nu ook juridisch al toe verplicht, maar alle betrokken instanties maken van deze reeds in de wet opgelegde aansporingen en sancties op dit moment nog nauwelijks gebruik.

 

Bureau Jeugdzorg wordt in de bijlage ook aangemoedigd om voortaan al bij het moment van intake van ouders bij een sterke escalatie in het vervolg bij een OTS wel te allen tijde aan waarheidsvinding te doen. Wat is de reden voor de scheiding tussen ouders? Wat ging er mis en waarom en hoe?

 

Deze waarheidsvinding door BJZ aan het begin van de escalatie kan er voor zorgen dat deze escalatie tussen ouders niet kan blijven voortwoekeren, zodat de rust in het belang van het kind zo snel mogelijk weer tussen ouders en het kind terug keert, hetgeen in het belang is van alle betrokkenen.

 

Het resultaat van deze vernieuwde aanpak voor alle BJZ's zal zijn: minder en minder langdurige escalaties tussen ouders en daardoor ook minder tijdsbeslag bij de betrokken hulpverleners.

 

Bijgevoegd het rapport van de Kinderombudsman van 6 november j.l. als ook de reactie van Paul Heinerman die vanuit zijn ervaringen met een aantal aanbevelingen en spelregels komt die er mogelijk voor kunnen zorgen dat deze hechtingsproblematiek snel in heftigheid en intensiteit zal afnemen.

Bijlage:
Organisatie info:
												Paul Heinerman
											 
												
											 
	                                			Noot voor de redactie
Afzender: 'bezorgde vader'
Paul Heinerman
paulheinerman@gmail.com
06 - 26 386 503
											 
											
											
Afdrukken:
Deel persbericht op:
Permanente link:
Stuur door: